Criteria en voorzorgsmaatregelen plaatsen ondergrondse vuilcontainer

Voor het plaatsen van Ondergrondse Rest Afval Containers (ORAC) zijn per 1 maart 2016 de onderstaande criteria van toepassing:

 

  • Minimale afstand t.o.v. kabels en leidingen van Enduris 2.00 meter.
    Uniforme aanwijzing werken nabij kabels en leidingen van Netbeheer Nederland d.d. 18 september 2015
  • Tussen 0.50 m (vanuit de mal gemeten) en 2.00 m dient altijd overleg plaats te vinden tussen de grondroerder en/of opdrachtgever en Enduris. 
  • De werkvoorbereiding dient er rekening mee te houden dat, na akkoord van Enduris, de mal (dus niet de te plaatsen container) minimaal 50cm uit de bestaande kabels en leidingen geplaatst moet worden.
  • Om te kunnen beoordelen of er een ORAC geplaatst mag worden en onder welke eisen/voorzorgsmaatregelen, dient Enduris voorafgaand aan de plaatsing een kopie  van de zgn. 'Verzamelkaart alle Disciplines' van het Kadaster, met daarop de geplande locatie van de container te ontvangen. Enduris reageert binnen 3 werkdagen. 
  • Toezicht, zoals beschreven in de E.V. dient gehouden te worden door de betrokken aannemer, opdrachtgever of betrokken gemeente. Enduris zal steekproefsgewijs controles uitvoeren op naleving van de E.V.
  • Enduris wil een week voorafgaand aan de plaatsing een planning ontvangen van de te plaatsen containers per locatie, om deze steekproeven uit te kunnen voeren. 

 

Te nemen voorzorgsmaatregelen:

  • Feitelijke ligging van de aanwezige kabels en/of leidingen nabij de te plaatsen ORAC bepalen door middel van proefsleuven.
  • Eventuele verbindingen in de gasleiding bepalen door middel van het over de lengte vrijgraven van de leiding en deze situatie vastleggen door middel van foto's. 
  • Kabels en leidingen
    - mogen nooit door de grondroerder verlegd worden;
    - kunnen buiten bedrijf gesteld worden tijdens werkzaamheden. Dit dient minimaal 6 weken voorafgaand aan de plaatsing aangevraagd te worden;
    - kunnen (tijdelijk) omgelegd worden. Houd rekening met een voorbereidingstijd van 8 weken (mede afhankelijk van de vergunningstermijn en capaciteit);
    - omleggen wordt altijd in rekening gebracht bij de aanvrager. 
  • Bij brosse leidingen extra veiligheidsmaatregelen nemen.

  • Bij het plaatsen van de mal wordt in eerste instantie een gat gegraven ter grootte van de mal met een diepte van +/- 90 cm onder het maaiveld.

  • Hierna wordt de mal de grond in gedreven door aan weerszijden met de mal druk uit te oefenen. De zijden die belast mogen worden, bij het in de grond drukken, zijn die zijden waar (binnen 2 m) geen kabels of leidingen aanwezig zijn.

  • Indien op de plaats, waar zware machines worden ingezet, zich kabels en/of leidingen bevinden, dient er rekening gehouden te worden met de belasting van de bovengrond. Ter plaatse dient de bodem afgeschermd te worden met rijplaten of draglineschotten.